Cursus Omschakelen naar Natuurlijke Landbouw

Uit inventarisatie die Stichting Van Akker Naar Bos heeft uitgevoerd onder een vijftigtal (toekomstige) natuurlijke landbouw ondernemers blijkt dat ze verschillende vragen hebben over, en obstakels op de weg zien naar, het opstarten van of omschakelen naar natuurlijke landbouw als bedrijfssysteem.

De belangrijkste vraag waar ondernemers Van Akker Naar Bos voor benaderen is de vraag: ‘Hoe schakel ik om? Ik wil niet meer produceren zoals ik het tot nu toe gedaan heb, ik wil het anders!’

Over het ontwerp van natuurlijke landbouw of permacultuur systemen zijn al vele boeken vol geschreven. De juiste plantensoorten bij elkaar zoeken en een indeling maken op basis van verschillende functionele zones kun je ook leren door een Permaculture Design Course (PDC) te volgen die op vele plekken in Nederland gegeven wordt. Met dit ontwerp leg je de basis voor je natuurlijke landbouw systeem. Als je op grotere schaal een landbouwsysteem in wilt richten zijn zaken als het verdelen van je oogst over het jaar, zodat je niet teveel werk tegelijk hebt, risicospreiding, markthoeveelheden van je product, efficiëntie in je werk enzovoorts ook allemaal belangrijk. En wanneer je al een landbouwbedrijf hebt dat je wilt omschakelen vergt het een uitgekiende meerjarenplanning hoe je langzaam om gaat schakelen met een optimale benutting van de middelen die je al hebt.

Over dit soort zaken zijn nog geen trainingen beschikbaar. Daarom organiseren Natuurlijke Landbouw Projecten en Stichting Van Akker naar Bos begin volgend jaar de eerste cursus op dit vlak: de cursus Omschakelen naar Natuurlijke Landbouw.

Zie jij nog meer knelpunten dan hierboven genoemd? Of loop je ergens tegenaan waar je hulp bij zoekt? Neem dan contact met ons op.

Congres Natuur wijst landbouw de weg

Op 9 december 2016 organiseert Stichting Van Akker naar Bos, in samenwerking met Natuurlijke Landbouw Projecten en Advies het congres Natuur wijst landbouw de weg.

Hoofdspreker op het congres is Pablo Tittonell, die ons zal aantonen dat alleen ecologische intensivering de wereld kan voeden. Kees van Veluw spreekt over permacultuur in de boerenpraktijk en Geert van der Veer vertelt over zijn knelpunten en oplossingen bij het opstarten van Herenboeren Boxtel. Aan het eind van de ochtend laat Louis Dolmans zien hoe de stichting Van Akker naar Bos haar toekomst ziet. In de middag een inspiratiemarkt bomvol met praktische kennis en lezingen. Tegen het eind van de middag inspireert Jan Willem Kamerman ons met de voedselbossen in Park Lingezegen. We ronden af met een paneldiscussie over de toekomst van de natuurlijke landbouw in Nederland.

Kijk hier voor meer informatie.

Wroetende varkens als natuurbeheerder

Op weg naar de Woeste Grond in Ravenswoud. Ergens op de grens tussen Drenthe en Friesland, gemeente Ooststellingwerf. In mijn ooghoek zie ik iets bewegen in een weiland waar het gras op tafelhoogte staat. Het gras wijkt uiteen en een roodharige varkenssnuit komt tevoorschijn. Wat een prachtig gezicht! Vrij rondscharrelende varkens zijn leuke beesten om naar te kijken. Minder bekend is dat ze heel wat in hun mars hebben als het gaat om natuurverrijking en bodemverbetering. En het vlees wordt er wel zo smakelijk van.

Het begon met het produceren van biologische paardenbrokken. Zo leerden Richard van Pelt en Marcel Sneek elkaar kennen. Ondertussen was Richard in 2012 gestart oeroude natuurbegrazers, zoals de Schotse hooglander, Aberdeen Angus en het Schoonebeker heideschaap in te zetten in natuurgebied Fochteloërveen. Geslachte runderen bracht hij op de markt als Vlees van de Woeste Grond. De dieren lopen altijd buiten, ook in de winter. Doordat ze veel bewegen en diverse kruiden, grassen, takken en bladeren eten, houden de runderen zichzelf gezond. Chemisch ontwormen en gebruik van antibiotica is onnodig.

In september 2015 besloten Richard van Pelt en Marcel Sneek tot samenwerking bij het houden van varkens in natuurgebieden. Ze begonnen met elf zeugen. Inmiddels hebben ze ongeveer 70 zeugen en biggen rondlopen. De varkens worden in groepjes ingezet op verschillende bos-, natuur- en agrarische percelen en regelmatig verzet, opdat ze precies hun functie vervullen en geen schade aanrichten. Varkens zoeken op een heel andere manier voedsel dan runderen en schapen. Door hun neus in de grond te steken en rond te wroeten, scharrelen ze knolletjes, insecten en andere voedzame dingen op. Zo vullen de varkens de functie van grazend vee aan.

Specifieke functies die varkens door hun aanhoudend gewroet uitstekend kunnen vervullen, zijn onder meer:

  • omploegen van onbespoten grasland. De varkens wroeten de grasmat om, waardoor er meer zuurstof in de bodem komt en voedingsstoffen en water makkelijker opgenomen worden. Jonge plantjes krijgen meer kans om te kiemen;
  • omploegen en vrijmaken van gewasresten van biologische akkers. Ook hier geldt dat de bodem beter belucht wordt en dat voedingsstoffen toegankelijker worden. Een andere belangrijke functie is dat de varkens gewasresten stoppels opeten. Dit voorkomt opschot;
  • bestrijden van onkruid. Er zijn al meerdere proeven gedaan met varkens om bijvoorbeeld Grote berenklauw, Amerikaanse vogelkers en Japanse duizendknoop te bestrijden. De varkens eten de planten met wortels en al op, wat in het geval van bovengenoemde planten de enige optie is om ze uit te roeien. Waarschijnlijk moeten varkens wel een paar keer op hetzelfde perceel terugkomen;
  • verjongen van bosgebieden. Een verdichte bodem en vegetatie in bossen zorgt ervoor dat zaden minder goed kiemen. De varkens zorgen voor kale plekken waar licht beter kan doordringen. Verschillende bosplanten en bomen profiteren hiervan;
  • stimuleren van biodiversiteit. Varkens eten de lage boomknoppen af, waardoor de bomen andere vormen krijgen. Door overal in te wroeten ontstaan er nieuwe microklimaten voor bijvoorbeeld mossen en paddenstoelen. Varkens gaan ook graag in zelfgemaakte kuilen liggen. De bodem in deze kuil wordt daardoor dichter en er kan water in blijven staan: ideale poeltjes voor kikkers en padden om in voort te planten;
  • beheren van natuurgebieden. Doordat varkens andere dingen eten dan schapen en koeien zorgen ze dat andere planten beheerst blijven en dat er meer variatie in de vegetatie komt. Een voorbeeld zijn de graspollen in heidegebieden. De schapen laten de grote pollen vaak staan en die vinden de varkens juist lekker.

Mensen worden er vrolijk van om varkens vrij rond te zien lopen, vertellen Richard en Marcel. Kinderen komen mee om te kijken en er worden vaak foto’s gemaakt. Hier wordt een heel ander beeld getoond van het varken dan dat van de intensieve varkenshouderij. Dit zien mensen veel liever. Omgekeerd zijn varkens dol op aandacht, wat het nog leuker maakt.

woeste-varkens-pagina2

Tamworth varkens worden ingezet om een perceel bos te beheren

De Woeste Grond werkt met één van de oudste varkensrassen die we kennen, het Tamworth varken. Dit staat nog dicht bij zijn voorouders, het Europese wilde zwijn. Het is een varken met rode vacht, lange neus en lang lichaam en op hoge poten. Door de dichte vacht heeft de Tamworth geen last van zonnebrand en kan hij goed tegen kou. Ook is hij weinig gevoelig voor ziektes. Een echt buitenvarken dus.

Tamworth varkens zijn heel actief, hebben Richard en Marcel ondervonden. “Je moet ze in de gaten houden, anders werken ze te hard bij het verzamelen van voedsel. Dat is eigenlijk de enige reden om ze bij te voeren, ze moeten namelijk ook groeien. We houden de dieren nu eenmaal voor het vlees.” De biggen groeien minder snel dan van gangbare soorten, maar eenmaal volwassen kunnen ze wel een fiks gewicht bereiken: tussen de 250-370 kg. Op de Woeste Grond worden de varkens geslacht bij een gewicht tussen de 160-180 kg.

In Nederland worden ook andere varkensrassen buiten gehouden. Kees Scheepens van boerenbedrijf Walnoot & Wilg in Oirschot houdt Berkshire varkens. Op de veldjes wisselt hij de varkens af met koeien van het ras Aberdeen Angus. De Ouwendorperhoeve in Garderen houdt Bonte Bentheimers op grasveldjes en een stuk bos.

De vleeskwaliteit van de Tamworth varkens is buitengewoon, en vrij van E-nummers, suiker, fosfaten en gistextract. Het is rood, stevig en gemarmerd vlees. Kenners zeggen dat het een nootachtige en zoete, diepe smaak heeft. “Het zit vermoedelijk boordevol voedingsstoffen, veel meer dan in supermarktvlees”, aldus Richard en Marcel. Een smaaktest door de Universiteit van Bristol beoordeelde Tamworth-vlees als het beste in vergelijking met andere zeldzame rassen. De Britse Slow Food beweging heeft het vlees opgenomen in The Ark of Taste. Léon Stam, de chef-kok en slager van de Woeste Grond zegt dat de smaak met de seizoenen verandert. “In de winter eten de dieren andere grassoorten en kruiden dan in de zomer en in het voorjaar hebben de dieren minder vet dan in de herfst. Dat proef je terug in het vlees.”

De wet- en regelgeving is nog onvoldoende ingesteld op het extensief houden van varkens. Er is wantrouwen te overwinnen, met name de angst voor het overdragen van ziektes of het aanrichten van schade. Als varkens per ongeluk van een perceel uitbreken kunnen ze op plekken gaan wroeten waar dat niet de bedoeling is. Vooral boeren met land in de omgeving zijn daar bang voor. Marcel en Richard controleren hun varkens twee keer per dag. Tot nu toe heeft schrikdraad de beesten keurig op hun perceel kunnen houden. Mochten de varkens toch een keer willen genieten van het groene gras van de buurman, dan kunnen ze met een bak brokjes gemakkelijk worden teruggelokt naar het eigen perceel.

Er zijn zoönoses bekend, overdraagbaar ziektes, van varkens op mensen. De risico’s op ziekteoverdracht van buiten lopende varkens zijn anders dan die van binnen gehouden varkens. De omgeving van een buitenvarken is minder goed onder controle te houden. Aan de andere kant geldt dat buitenvarkens veel minder extensief worden gehouden waardoor de infectiedruk veel lager is. De meeste ziektes worden echter alleen eventueel overgedragen wanneer mensen het varkensvlees eten. Dit is goed te voorkomen door een goede monitoring bij het slachten, door het vlees ingevroren te houden tot kort voor de bereiding en door het goed te verhitten.

woeste-varkens-pagina3

Door de extensieve manier van houden zijn de risico’s dat de varkens ziek worden laag en is er geen sprake van stankoverlast

De huidige wet- en regelgeving is gemodelleerd voor de gangbare varkenshouderij in stallen of schuren. Geluid, mest, geur en stof moeten gemonitord worden en voldoen aan standaardwaarden. Het is lastig om een geluidsfilter en luchtwasser op een bos te plaatsen. Verplaatsen van varkens mag alleen van UBN naar UBN. UBN is een nummer dat toegekend wordt aan een bedrijf en is locatiegebonden. Voor varkenshoeders zou dit betekenen dat ze voor ieder bos- en natuurgebied een UBN moeten aanvragen. Een hele klus en wellicht niet eens mogelijk binnen de wetgeving. Daarnaast is de richting van de transporten voorgeschreven. Er mag alleen vervoerd worden van fok- naar afmestbedrijf en vervolgens naar slachterij.

De wet- en regelgeving beter laten aansluiten, is een grote wens van de pionierende varkenshoeders. Samen met Henri Holster van Wageningen UR inventariseert Mariska Slot (NLPA) waar de pioniers tegenaanlopen. Er leven bijvoorbeeld vragen als: hoe moet je varkens op een natuurlijke manier voeden? Hoe groot kan een groep varkens in een natuurgebied zijn? Welke effecten hebben varkens nu echt op diversiteit en ecosysteem? Doel van het project is om in elk geval een voorstel neer te leggen bij de overheid over hoe met deze vorm van varkenshouderij omgegaan kan worden.

Vanuit het hele land bereiken de Woeste Grond inmiddels verzoeken om varkens in te zetten in natuurgebieden, gemeentegronden en agrarische gronden. De ondernemers zoeken naar mogelijkheden om hieraan te voldoen. Bijvoorbeeld door jonge ondernemers op te leiden tot varkenshoeders of door met varkenshoeders uit anders regio’s te gaan samenwerken. Inmiddels is Stichting De Woeste Grond opgericht om innovatieve en duurzame ideeën uit te werken. De kosten hiervan zijn niet terug te verdienen uit de verkoop van varkensvlees. Daarom gaat de stichting donateurs werven en mogelijk crowdfunding starten. Als eerste project wil de stichting, in samenwerking met Natuurlijke Landbouw Projecten & Advies en Stichting Van Akker naar Bos, een grootschalig voedselbos voor mens en varken ontwikkelen. Bij de meeste voedselbossen in Nederland worden dieren voorlopig nog gemeden vanwege de schade die ze kunnen toebrengen aan de jonge planten. Om met een notoire wroeter aan de slag te gaan, mag je gedurfd innovatief noemen.

Website NLPA in de lucht

daglelie-plaatjeNatuurlijke Landbouw Projecten & Advies is opgericht in 2015. De naam zegt het eigenlijk al, we voorzien ieder die wil omschakelen naar natuurlijke landbouw van advies en coördineren projecten die met dit onderwerp te maken hebben. Boeren en landeigenaren ondersteunen we bij het bedenken, ontwerpen, aanleggen en beheren van een nieuw bedrijfssysteem. Overheden en natuurorganisaties ondersteunen we met haalbaarheidsonderzoek voor natuurlijke landbouw, burgerparticipatieprocessen en lokale voedselketens opzetten.

De website is bedoeld om te informeren over wie we zijnwat we voor je kunnen betekenen en om regelmatig nieuws en artikelen over natuurlijke landbouw te delen. Neem een kijkje bij de projecten die we tot nu toe hebben gerealiseerd en maak kennis met onze partners.

Werkbezoek Partij voor de Dieren

Op 15 juli jl. zijn wij, beleidsmedewerkers van de Tweede Kamerfractie van de Partij voor de Dieren, op werkbezoek gegaan bij initiatiefnemers die zich bezig houden met permacultuur en natuurinclusieve landbouw. Deze dag was georganiseerd door Mariska Slot die een fantastisch programma in elkaar had gedraaid en het zonnetje zorgde voor een heerlijke dag vol met inspirerende indrukken. Het doel van deze dag was om een indruk te krijgen van de ontwikkelingen binnen permacultuur en natuurinclusieve landbouw. Tevens wilden wij inzicht verwerven in de politieke kansen en belemmeringen waar initiatiefnemers in hun dagelijkse realiteit mee te maken krijgen…

Doornik Natuurakkers

Wij begonnen de dag in Bemmel waar Louis Dolmans ons op inspirerende wijze vertelde hoe hij zijn bijdrage heeft geleverd aan het herstellen van het landschap en de bodemkwaliteit. De intensieve landbouw heeft met zijn grootschaligheid, het gebruik van landbouwgif en kunstmest, de bodem uitgeput en een desastreuze impact gehad op de biodiversiteit. Prachtig om te zien hoe Louis stapsgewijs door observatie en het imiteren van de natuur in staat is om bodem en biodiversiteit te herstellen en tevens hoogwaardig voedsel te produceren.

Herenboeren

Hierna ging de reis verder naar Boxtel waar we de enthousiaste ondernemer, Geert van der Veer, spraken. Hij heeft ons zijn tien hectare land laten zien waar hij dieren houdt die de mogelijkheid hebben om hun natuurlijk gedrag uit te oefenen. Varkens die de vrijheid hebben om te in een bosachtige omgeving te rennen, te wroeten en een modderbad te nemen. Koeien die het hele jaar rond buiten blijven en waarbij de familiekudde het uitgangspunt is. Kippen en parelhoenders die buiten in de frisse lucht leven waar ze kunnen scharrelen en een stofbad kunnen nemen. Alles staat in het teken van de natuurlijke behoefte van het dier. Het succesverhaal van het ondernemerschap van Geert was een inspiratie en een bewijs dat het niet alleen anders moet maar dat het ook anders kan.

Voedselbos Ketelbroek

Last maar zeker not least, kwamen we aan het eind van de dag aan in het voedselbos van Wouter van Eck. Het was een prachtige wandeling met diverse smaaksenaties waar Wouter ons kennis liet maken met de verschillende planten en bomen die in onze voedselbehoefte kunnen voorzien. De strategie van Wouter is vooral om de natuur zijn werk te laten doen. In het voedselbos wordt dan ook niet gesnoeid, bemest of gekapt waardoor de arbeidsintensiteit van het onderhouden van het voedselbos laag is. Het gevolg van ‘het de natuur zijn gang laten gaan’, heeft Wouter laten testen door de wetenschap. Hieruit bleek dat de biodiversiteit en de bodem in zes jaar tijd enorm vooruit is gegaan en op bepaalde aspecten zelfs beter is dan het naastliggende natuurgebied.

We hebben hier ook kennisgemaakt met de organisatie Toekomstboeren. Dit zijn jonge, enthousiaste nieuwe en toekomstige boeren die voedsel willen produceren op een ecologische en sociale manier; in samenwerking met de natuur en de lokale omgeving. Fantastisch dat er onder jonge boeren een toenemend besef is dat de weg van industrialisering en schaalvergroting doodlopende is en dat er steeds meer initiatieven zijn van voedselproductie die uitgaan van het dierenwelzijn en de draagkracht van deze planeet.

Al met al was het een geweldig werkbezoek waarin we veel kennis, indrukken en inspiratie hebben gekregen die we kunnen meenemen in de voorbereiding van het parlementaire werk in de Tweede Kamer. We willen iedereen bedanken die dit werkbezoek voor ons heeft mogelijk gemaakt maar in het bijzonder Mariska voor de organisatie van deze dag.

Corinne Cornelisse, Roos Benard en Sandra Beuving

Beleidsmedewerkers Tweede Kamerfractie Partij voor de Dieren